Het museum

Wat kun je zoal verwachten in het museum

Er is van ieder rijtuig een verhaal wanneer, waarvoor, hoe en door wie ze gebruikt werden.

De kleding is bepaald door de functie en/of het type voertuig. De eigenaar of koetsier van het rijtuig is te herkennen aan de kledij.

Het museum bestaat uit enerzijds een showroom en anderzijds een ingerichte werkplaats.

De werkplaats heeft een afdeling ijzerbewerking, met een smidsevuur, een automatische boormachine van de jaren 1930, twee draaibanken en één freesmachine

 

De afdeling houtbewerking met een 10-tal machines waarvan 3 alleen voor de constructie van de wielen.

Een afdeling voor het schilderen met een voorbereidingszone. In de laatste afdeling wordt de bekleding onder handen genomen zowel stoffen, laken als leder en dat alles is afgewerkt met pasement (galons) van de vroegere jaren.

 

 

 

Tijdens de rondleiding krijg je ook meer uitleg over

  • - De soorten koetsen : Sjees, Tilbury, Coupé, Break, Phaeton, Siamese Phaeton, Postkoets, Slede, Bakkerskar, Mosselkar, ...
  • - De manieren van aanspannen : Enkelspan, dubbelspan, vierspan, klarvertje drie, tandem, bisschops aanspanning, ...
  • - De rijtuigonderdelen : lampen, paddestoel, strengen, gareel, zweep, ...
  • - De kledij van de koetsier, groom of menner : koetsierjas, dassen, hoge hoed, bolhoed, ...
  • - Het koetshuis, restaureren van koetsen, ...

 

"Donald vertelt met ontzettend veel passie over zijn authentieke koetsen"

Fotoclub Roeselare